Poezie

het leek op buiten spelen

in een lang vervlogen tijd

koude handen, schorre kelen

en een tekening van krijt

 

een rood wit schip

in lange tegelzeeën

de wal, een klip

lief lachen met zijn tweeën

 

onze adem die je zien kon

die elkaar ook raakte

dat haar adem niet haar mond was

maar dat je voelde hoe die smaakte

 

(c) gv2001

op een ochtend

steunt en kruent het

 

onder de douche

bij het omdraaien

naar de kraan toe

 

de souplesse ebt,

met het water mee,

door het putje weg

 

later bij de spiegel

blijkt de haargrens opgetrokken

als wenkbrauwen die

nooit meer

hun verbazing

verbergen zullen

(c) gv2004